Elektra >> Installatieautomaat  

Installatieautomaat en groepenschakelaars

De installatieautomaten (groepen) zijn in de meterkast aangebracht. Als een installatieautomaat zichzelf heeft uitgeschakeld, ga dan als volgt te werk:
  1. Schakel de betreffende installatieautomaat (groep) weer in.
  2. Schakelt deze zichzelf weer uit, laat deze dan eerst uit.
  3. Schakel in de betreffende groep alle apparaten (en ook lampen!) uit en haal de stekkers uit het stopcontact.
  4. Probeer nu de installatieautomaat weer in te schakelen.
  5. Sluit nu één voor één de apparaten weer aan en schakel ze daarbij aan; doe ook de lampen één voor één aan. Bij het inschakelen van het apparaat dat de storing veroorzaakt, zal de installatieautomaat zich weer uitschakelen. Laat het defecte apparaat repareren of vervang het. Indien de groep na enige tijd weer uitschakelt is er vermoedelijk overbelasting (er zijn te veel apparaten aangesloten).
  6. Als ook de aardlekschakelaar is uitgeschakeld, zie bij Aardlekschakelaar.
    Houd ook rekening met te veel aangesloten apparatuur. Het maximale vermogen mag 3600 Watt zijn.
In oudere woningen zit een aparte groepenschakelaar met zekeringhouder. Houd bij uitschakeling dezelfde stappen aan als hierboven, maar vervang 'installatieautomaat' door 'groepenschakelaar'.

Traditionele stoppenkast ALS plus automaat
Voorbeeld van een traditionele stoppenkast en een installatieautomaat